Smeer het vlees aan alle kanten in met de kruiden en specerijen.
Leg de deksel op de barbecue en verwarm vervolgens de barbecue tot de oventhermometer een temperatuur aangeeft van 105 – 115°C.
Leg het vlees boven de lekbak op het grillrooster zodra de oventhermometer de juiste temperatuur aangeeft.
Grill en rook nu het vlees tot het een kerntemperatuur van 70°C heeft (meet dit met een kern-/vleesthermometer). Dit duurde bij mij zeker 3,5 – 4 uur. Check ieder halfuur de temperatuur van de barbecue. Deze moet ten alle tijden rond de 110°C liggen.
Pak zodra de kerntemperatuur van het vlees rond de 70°C ligt het vlees volledig in met aluminiumfolie. Het vlees gaat anders namelijk ‘zweten’ waardoor het droog wordt. Dat zou zonde zijn!
Leg het ingepakte stuk vlees terug op de barbecue en breng het naar een kerntemperatuur van 85°C. Dit duurde bij mij 2 – 2,5 uur. Probeer nog altijd de barbecue rond de 110°C te houden.
Pak het vlees uit zodra het een kerntemperatuur van 85°C heeft. Vang al het vocht dat uit het aluminiumfolie komt op in een braadslee. Dit heb je later weer nodig.
Leg het uitgepakte vlees terug op de barbecue tot het een kerntemperatuur van 88°C heeft. Dit duurt niet zo lang. Hooguit 30 minuten.
Leg het stuk vlees van de barbecue voorzichtig in de braadslee waarin je daarstraks het braadvocht hebt opgevangen. Voeg ook het vocht uit de lekbak van de barbecue toe. Dek de braadslee losjes af met een vel aluminiumfolie. Laat het vlees nu 30 minuten rusten. Dat geduld moet je écht opbrengen hoor, kom niet in de verleiding om deze stap over te slaan.
Verwijder na een half uur het aluminiumfolie en pluk de Boston Butt met behulp van twee vorken uit elkaar. Schep het vlees door het opgevangen braadvocht en voilá, klaar is je pulled pork van de BBQ.